| Download de referenties vernoemd in deze tekst via press.dutry.com/fijnstof
Samengevat : In tegenstelling tot de recente berichtgeving levert houtverbranding zelfs op het Vlaamse platteland een veel kleinere bijdrage tot de fijnstofemissies dan het verkeer. Daarenboven tonen vele internationale studies aan dat fijnstof uit goede houtverbranding veel minder schadelijk is dan fijnstof uit het verkeer. De vervanging van oude houtkachels door moderne toestellen kan de uitstoot van fijnstof gemiddeld met 99% doen dalen. Houtkachels leveren vandaag bijna 1/3 van de groene warmte in Vlaanderen en bijna 10 % van de totale groene energieproductie. Om de europese richtlijn van 13% hernieuwbare energie te halen tegen 2020 en tegelijk de europese fijnstofnormen te kunnen respecteren is een positieve aanpak nodig, die de vervanging van oude houtkachels door moderne hout- en pelletkachels stimuleert, in plaats van een sfeer van onzekerheid te scheppen die alleen maar het status-quo in stand houdt.
Sinds de publicatie van het rapport van de VMM over het belang van houtkachels in de emissie van fijnstof (VMM 2011), verloopt de maatschappelijke discussie over dit onderwerp bijzonder éénzijdig. Al in de aanloop werd een foute conclusie getrokken uit het VMM-rapport, samen te vatten als “Houtverbranding op platteland veroorzaakt in de winter meer fijnstof dan dieselwagens”. Nochtans is het de VMM zelf die meldt dat dit enkel geldt voor de primaire uitstoot van het wegverkeer. Ook de secundaire uitstoot door het verkeer is verre van onschadelijk. Het gaat enerzijds om secundaire organische componenten, gevormd in de lucht uit primaire organische en anorganische componenten die bijgevolg niet langer meetbaar zijn. Daarnaast is er ook nitraat, mineraal stof, alsook stof van ijzer, koper, zink, molybdeen, antimoon, enz… Primaire en secundaire uitstoot samen gerekend levert het verkeer ook op het platteland een veel hogere bijdrage dan de houtverbranding. Het rapport laat jammer genoeg in het midden hoe groot de globale verkeersbijdrage is in vergelijk tot die van houtverbranding (7%), maar meldt wel dat in het stedelijke Borgerhout de totale bijdrage van het verkeer oploopt tot 34%.
Een juiste interpretatie van het rapport vraagt ook inzicht in de kwaliteit van fijnstof. Gelukkig is dit debat in het buitenland al gevoerd, voornamelijk in Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en Scandinavië, die al jaren succesvol biomassa als alternatieve energiebron ingezet hebben, ook voor huishoudelijke verwarming. Hiernavolgend de belangrijkste bevindingen :
Knippel & Nussbaumer (2007) : fijnstof uit de rook van een moderne houtkachel blijkt 5 maal minder toxisch dan een vergelijkbare hoeveelheid fijnstof uit een dieselmotor. Anderzijds blijkt fijnstof uit oude houtkachels met slechte luchttoevoer veel schadelijker dan fijnstof uit een dieselmotor.
Nussbaumer (2008) : de emissie van fijnstof bij particuliere houtkachels variëert van 10 mg/MJ bij de modernste toestellen tot maar liefst 5.000 mg/MJ bij oude toestellen. Dat betekent dat de nieuwste houtkachels 500 x minder fijnstof uitstoten dan de oudste houtkachels.
Londahl (2009) : fijnstof van verkeer laat 16 maal meer stofdeeltjes achter in de longen dan fijnstof uit houtverbranding, omwille van substantiële verschillen in de deeltjesgrootte, de dichtheid en de oplosbaarheid. Ongeveer 80 % in gewicht van de ingeademde deeltjes uit houtverbranding wordt opnieuw uitgeademd, tegenover slechts 33 % bij dieselrook.
Hartmann & Turowski (2010) : de fijnstofemissie bij houtverbranding is sterk afhankelijk van de vochtigheid van het brandhout. Bij een cv-ketel op stukhout stijgt de fijnstofemissie met een factor van maar liefst 4,6 indien de vochtigheid van het brandhout verhoogt van 23 % naar 31 %.
In deze contekst is ook de algemeen aanvaarde europese norm voor houtkachels duidelijk : maximaal 150 mg/MJ fijnstof, wat 33 x maal minder is dan de hoger vermelde fijnstofuitstoot bij oudere toestellen. De toestellen die Dutry & Co bijvoorbeeld importeert halen allen waarden van minder dan 50 mg/MJ fijnstof (de beste toestellen zelfs minder dan 15 mg/MJ). Indien een oude houtkachel door één van de toestellen uit ons gamma wordt vervangen, levert dit dus ongeveer 100 x minder fijnstof op.
De bijdrage van houtkachels tot de gemeten stofemissies in Vlaanderen wordt dus grotendeels geproduceerd door verouderde houtkachels, die bovendien dikwijls gestookt worden met te vochtig brandhout. Anderzijds is ook duidelijk dat moderne houtkachels gemiddeld 100 maal minder fijnstof produceren dan oudere toestellen, en ook dat dit stof veel minder schadelijk is dan het stof dat bijvoorbeeld door een dieselmotor wordt uitgestoten.
Uiteraard is fijnstof niet het enige type luchtverontreiniging door verwarming. De waarde van houtkachels binnen het milieubeleid betreft vooral de kooldioxide-uitstoot, want hout is een hernieuwbare energiebron die geen netto bijdrage levert tot het broeikaseffect en huishoudelijke verwarming produceerde 19 % van de CO2 -uitstoot in 2009 (Mira 2010).
De europese doelstelling “2020” bestaat erin om tegen het jaar 2020 een totaal van 20 % energie uit hernieuwbare bronnen te halen. De bindende doelstelling die België daarbij opgelegd kreeg is 13 % hernieuwbare energie. In 2010 was dat in Vlaanderen nog maar 3,4 %, waarvan slechts 2,5 % voor verwarming en koeling (VITO 2010). Residentiële biomassa (houtkachels) leverde in 2010 een bijdrage van 31 % in de productie van groene warmte en komt daarmee op de eerste plaats. Ter vergelijking leveren zonneboilers en warmtepompen elk slechts een bijdrage van +/- 2 %. In de totale productie van groene energie in Vlaanderen bedraagt de bijdrage van residentiële biomassa (houtkachels) in 2010 meer dan 9 %, een stijging met 23 % t.o.v. 2009.
Biomassa is de enige hernieuwbare energiebron met voldoende potentiële productiecapaciteit om fossiele brandstoffen op grote schaal te vervangen. In de prognoses van het VITO over hoe Vlaanderen de 2020 doelstelling kan bereiken (VITO 2011) staat biomassa dan ook centraal : ze moet 58 % van de groene electriciteitsproductie kunnen leveren, 46 % van de groene warmteproductie en 89 % van de groene energie bij transport. In de komende 10 jaar moet het gebruik van biomassa voor verwarming stijgen met een factor 4,3. Ze moet immers instaan voor maar liefst 52 % van de totale groene energieproductie. Het gaat daarbij uiteraard grotendeels om secundaire biobrandstof, niet afkomstig van voedselgewassen, wel uit hout. Wil Vlaanderen de europese normen voor CO2 halen, dan moet het dus snel een enorme inhaalbeweging maken inzake groene warmte. De vraag is of het zich daarbij kan veroorloven om houtkachels terzijde te laten, terwijl die vandaag al bijna een derde van de groene warmte leveren, overigens zonder enige overheidssteun. De vraag is hoe dat kan zonder tegelijkertijd de europese normen voor fijnstof te overtreden, wat vandaag reeds het geval is en dit - voor alle duidelijkheid - vooral omwille van het drukke verkeer.
Wagens van meer dan 10 jaar oud rijden nog nauwelijks rond, terwijl technologisch totaal verouderde houtkachels dagelijks veelvuldig gebruikt worden. Het spreekt voor zich dat de vervanging van de vele nog operationele oude houtkachels door nieuwe, moderne hout- en pelletkachels de snelste en meest efficiënte manier vormt om de fijnstofproblemen vanuit onze sector aan te pakken. Daarnaast zou ook de houtvochtigheid kunnen verlaagd worden, door aan de brandhoutleveranciers terzake normen op te leggen, die overigens zeer eenvoudig te controleren vallen met toestelletjes die in de handel minder dan 20 euro kosten.
Het lobbywerk van de sterke olie- en autoindustriën ten spijt, steunt de overheid in vele europese landen, waaronder zelfs Frankrijk, de aankoop van moderne hout- en pelletkachels met substantiële bedragen. In Vlaanderen verwachten we dit nog niet eens, gezien de huidige budgettaire contekst, al zou zo'n maatregel uiteraard wel op zijn plaats zijn.
Wat we als sector wel mogen verwachten is dat de overheid in haar regelgeving en communicatie erover waakt het evenwicht te bewaren tussen enerzijds het inperken van de vermijdbare uitstoot door slechte houtverbranding en anderzijds het belang van goede hout- en pelletkachels binnen het globale milieubeleid. Jaarlijks kopen vele Vlamingen goede houtkachels, in een poging zelf een bijdrage te leveren tot het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen, alsook om de hoge energiekosten te drukken. De voorbije eenzijdige negatieve berichtgeving dreigt deze positieve evolutie, ook wat de fijnstofemissies betreft, af te stoppen. We ontvangen sinds kort geregeld vragen van klanten of ze hun houtkachel in de toekomst nog wel zullen mogen branden… Dat de “no-burn” voor houtkachels tijdens officiële smogperiodes geen onderscheid maakt tussen oude en moderne houtkachels heet een zaak van controleproblemen te zijn, maar die “snuffelcontroles” lijken in de praktijk toch al weinig relevant. Het blijft evenwel mogelijk dat de Minister in de nieuwe Vlarem richtlijnen de gemeentelijke politiediensten kan opdragen bij het aanpakken van “overtreders” niet alleen hun neus te gebruiken, maar ook oog te hebben voor de eventuele EN-certificaten die de gebruiker kan voorleggen.
Het Luchtkwaliteitsplan van Minister Schauvliege voorziet ook in een sensibiliseringscampagne rond stoken binnen- en buitenshuis gedurende 2012. Onze sector hoopt alvast daarin een redelijk evenwicht terug te vinden.
Download de referenties vernoemd in deze tekst via press.dutry.com/fijnstof
Voorheen in het nieuws :
IS HOUT HET NIEUWE GOUD ?
Met de recente beurscrash is beleggen in goud nog nooit zo populair geweest. Goud wordt gezien als een vaste waarde, een veilige belegging van de spaarcenten. De vraag rijst evenwel of er geen investering te vinden valt die even veilig is, maar een stuk rendabeler. Want als de goudprijs vandaag zo hoog staat, betekent dat dan ook niet dat ze in de toekomst weer kan zakken ? Zo moet een belegger vandaag ermee rekening houden dat een investering in goud weliswaar redelijk veilig is, maar mogelijks niet zonder financiëel verlies. En dat een eventuele winst mogelijks niet spectaculair zal zijn.
Is hout dan misschien het nieuwe goud ? Laat ons even een paar feiten op een rij zetten :
-
Jaarlijks besteedt een gemiddeld gezin 1.000 € tot 2.500 € aan verwarming.
-
De laatste 10 jaar steeg de prijs per Kilowatt voor verwarming met 150 %.
-
Dat betekent dat we, als deze evolutie zich gewoon doorzet, over 10 jaar jaarlijks 2.500 € tot 6.250 € zullen besteden aan verwarming.
-
Stel dat je deze prijs kunt halveren door aankoop van een goede houtkachel, dan betekent deze "belegging" een jaarlijkse winst van 500 € tot 1.250 € in het eerste jaar, die oploopt naar 1.250 € tot 3.125 € na 10 jaar.
-
Gemiddeld over 10 jaar betekent het dat een belegging van 4.000 € tot 12.000 € voor een goede houtkachel in totaal 8.750 € tot 21.875 € winst oplevert, door een verlaging van de verwarmingskosten. Daar kan zelfs een belegging in goud niet tegenop !
We kunnen deze cijfers niet al te zeer au serieux nemen, want niemand kan zeggen hoe de brandstofprijzen precies zullen evolueren. Ook voor de rest kunnen we er moeiteloos over van mening verschillen. Maar zelfs als de prijzen heel wat minder stijgen dan hierboven wordt aangenomen, blijven de winsten van het stoken met hout bijzonder interessant. De meeste analisten zijn het er trouwens over eens dat de energieprijzen de komende 10 jaar nog veel sterker zullen stijgen dan voorheen, vooral omwille van de steeds kleiner wordende voorraden en het toenemende aantal conflicten in de regios waar olie en gas gewonnen worden.
Hiernavolgend een overzicht van de evolutie van de brandstofprijzen inclusief het brandhout, waarvan de prijs slechts licht steeg de voorbije jaren :

|