Door de hoge rookopvang blijft de schoorsteentrek maximaal en wordt bij het open branden de kans op rookinslag minimaal. Bij gewone inbouwhaarden is die kans veel groter. Bij Totem is de hoogte van de rookopvang steeds min of meer gelijk aan die van de haard zelf.

Bij gesloten gebruik kan de rookafvoeropening maximaal voor 70 % worden afgesloten zodat de haard de warmte beter kan vasthouden en het rendement toeneemt. Bij open gebruik van de open haard staat de rookafvoeropening steeds open.
De verbrandingslucht wordt steeds onderin de haard geblazen en kan zowel uit de ruimte komen als rechtstreeks vanuit de buitenlucht. In vele woningen is een buitenluchtaanvoer aan te raden. Zelfs oudere woningen worden op den duur zo goed geisoleerd dat er onvoldoende natuurlijke aanvoer van lucht is om het vuur te voeden.
Links en rechts van de vuurhaard wordt de kamerlucht aangezogen om opgewarmd te worden binnenin de haard. Dit gebeurt uiteraard zonder dat de kamerlucht in contact komt met de verbrandingsgassen. Bovenin de rookopvang bevindt zich een luchttunnel net boven de vlammen, die een extra sterke opwarming van convectielucht produceert.
|